Thema's > Landbouw
De belangrijkste landbouwgebieden van Oostenrijk liggen in het
noorden en noordoosten van het land. Dit zijn de lagere en vlakkere gebieden.
Naast het verbouwen van aardappelen, maïs, granen en suikerbieten zijn fruit en
wijndruiven de belangrijkste gewassen. De zonrijke en warme hellingen van het
middelgebergte zijn zeer geschikt voor de wijnbouw. De opbrengst van de landbouw voorziet voor ongeveer
90 procent in de eigen behoefte van het land.
In het hooggebergte vindt veeteelt plaats en landbouw voor
voornamelijk eigen gebruik. De veehouderij wordt met name op de moeilijk te
bereiken alpenweiden (almen) uitgeoefend. In de zomer verblijft het vee op de
alpenweiden en in de herfst worden de kuddes terug naar de dorpen gehaald. Dit
betekent dat dit een zeer extensieve vorm van veeteelt is. Veehouderij neemt in
Oostenrijk een belangrijke plaats in en is van een grotere omvang dan de rest
van de agrarische sector (hier valt ook bosbouw onder).
Zoals in de meeste geïndustrialiseerde landen is de landbouw
niet meer de belangrijkste sector, zoals dit een tiental jaren geleden het geval
nog was. In de periode 1971-1997 liep het aantal mensen die werk vond in de
land- en bosbouw sterk terug. Vele traditionele en kleine landbouwbedrijven
kunnen tegenwoordig alleen nog maar bestaan van neveninkomsten uit de
toeristische sector.